Moet je naar de psycholoog met een burn-out?

Yep de bedoeling is om een discussie uit te lokken. Maar ik zal u eerst mijn standpunt geven zodat u daarna, heel graag, uw menig kunt geven 🙂

Onlangs zat ik samen met twee professoren om eens te bekijken of er geen opleiding of masterclass kan ontstaan over omgaan met chronische stress en burn-out. Hun mening was echter dat dit tot het terrein van de psychologie behoort en dat er rond het onderwerp nog te veel onduidelijkheid is. Na het gesprek ben ik beginnen nadenken over hun standpunt…behoort chronische stress en burn-out louter tot het domein van de psychologie?

Ik heb enorm veel respect voor de twee professoren (heb heel veel geleerd van hen!). En ik heb ook veel respect voor psychologen. Hun werkterrein is redelijk uitgebreid. Gaande van de klinische psychologie naar bedrijfspsychologie. Zo zal de klinisch psycholoog inzichten en vaardigheden toepassen om psychische spanningen en relationele problemen van cliënten te verlichten. Maar is burn-out louter een psychische spanning? In de vele omschrijvingen die er staat steeds dat het een “energie-stoornis” is die een direct verband heeft met het werk. En deze energiestoornis heeft weerslag op zowel de psyché van de persoon, maar ook op het fysische en het sociale aspect. En wie staat er nu net midden in deze holistische mensvisie (de mens is een eenheid van psychisch, sociaal en fysisch welzijn)…..juist de verpleegkundige!!

Verpleegkundigen worden getraind in deze mensvisie en kunnen daarom m.i. signalen van chronische stress en burn-out het snelste herkennen. Ze staan constant in contact met zorgvragers en luisteren vaak naar hun verhalen tijdens de zorg. Artsen worden opgeleid om bij een ziektevraag juiste diagnoses te stellen en gepaste therapieën voor te schrijven. Verpleegkundigen worden opgeleid om om te gaan met gevolgen van een ziekte… Ik bedoel hier niet mee dat burn-out louter te bekijken is als een ziekte, maar burn-out heeft vele gevolgen…net daarin worden verpleegkundigen opgeleid. Burn-out is vaak de oorzaak van maag-darm klachten, slapeloosheid, spierpijnen, hoge bloeddruk, hartkloppingen, CVS,… Allemaal gevolgen van. De verpleegkundige is trouwens ook een krak in empathie. Tijdens de opleiding is dit een belangrijk item. En als basishouding naar begeleiding van chronische stress en burn-out is dat al een goede start. Trouwens preventie is ook een domein waarin de verpleegkundige de nodige competenties heeft. Net dat is belangrijk om het risico op burn-out te voorkomen!

Maar zijn verpleegkundigen nu bekwaam om met de gevolgen van burn-out om te gaan en patiënten/cliënten hierin te begeleiden? Dan moet ik jammer genoeg vaststellen dat hierin het schoentje wel knelt. Tijdens de opleiding wordt te weinig aandacht geschonken aan dit item en ligt de focus nog te veel op ziektebeelden. Beter zou zijn dat verpleegkundigen meer opgeleid worden naar gezondheid en welzijn toe. Nu kan iedereen coach worden. Maar volgens mij heeft de verpleegkundige de beste basis om te starten als burn-out coach. En nu dus waarde professoren een masterclass waarin verpleegkundigen opgeleid worden in de specialisten chronische stress en burn-out preventie.

Zo en nu graag uw mening 🙂

 

Stress meetbaar maken

Waarom zie ik het niet?

Stress herkennen bij jezelf is niet steeds makkelijk. En op zich is het niet verkeerd om af en toe stress te hebben. Het kruidt namelijk het leven. Denk maar aan stress voor het examen, sollicitatie, enz. Stress is een nodige overlevingsreactie van ons lichaam. Het is dan zeker niet makkelijk om chronische stress bij jezelf te herkennen. Nochtans toont ons lichaam vaak genoeg signalen. Denk maar aan spijsverteringsproblemen, vermoeidheid, lage rugpijn, slaaploosheid… Dat chronische stress niet gezond is, dat weet ondertussen iedereen. Het kan leiden tot burn-out, depressies en volgens sommige onderzoekers ook tot chronisch vermoeidheid syndroom (CVS), fibromyalgie en chronische fysische aandoeningen.

Stress is meetbaar

Chronische stress kan biologisch gemeten en aangetoond worden. Via een bloedname kunnen bepaalde bloedmarkers (vb cortisol) opgespoord worden, Microscopisch onderzoek van hersenweefsel kan duidelijk schade aantonen aan de verbindingen tussen de hersencellen (dendritische schade). Maar recentelijk zijn er bedrijven die biofeedback toestellen ontworpen hebben om stress aan te tonen. Zo is er een biofeedbacktoestel (firma Heartmath) dat de hartritmevariabiliteit (HRV) meet. HRV is de natuurlijke versnelling en vertraging van het hartritme tussen de in- en uitademing.

In een niet stressvolle situatie is er een duidelijke HRV waarneembaar (sinusgolven). Er is een duidelijke vertraging en versnelling van ons hartritme. Deze variatie in het hartritme kan dus via een sensor waargenomen worden. In een stressvolle situatie is deze variatie in het hartritme niet zo duidelijk waarneembaar en krijg je geen duidelijk signaal (chaotische golven). Hierdoor kan via het biofeedbacktoestel de therapeut nagaan of een persoon zich in een stresszone bevindt of niet.

hartcoherentie, hartritmevariabiliteit

En dan aan de slag

Met deze gegevens kan een therapeut aan de slag gaan. De therapeut kan starten met hartcoherentietraining. Hierbij gaat de therapeut het hart coherent maken met de hersenen. Door ademhalingstherapie en te focussen op het hart zou de variatie op het hartritme terug duidelijker zijn. Uit onderzoeken blijkt dat de HRV wel degelijk een meetbare factor is voor stress. Zo zou uit onderzoek van 2015 blijken dat hartcoherentie een daling geeft van angst en zorgt voor een betere coping. En het Amerikaanse leger maakt gebruik van de hartcoherentietechnieken om beter om te gaan met Post Traumatisch Stress syndroom. Daar noemen het ze dan stoerder “battle breathing”.

Stress vraagt een uitgebreide aanpak

Is het gebruik van hartcoherentie en biofeedback nu DE oplossing om chronische stress te bestrijden. Jammer genoeg niet. Er kan jammer genoeg geen langdurig positief effect waargenomen worden op de chronische stress. Tijdens de therapie ziet men wel een sterke daling van de stresshormonen. Maar als de persoon daarna terug in zijn normale doen en laten komt, is er geen verschil meer merkbaar.

De behandeling van chronische stress en burn-out zal steeds een multiple en multidisciplinaire aanpak vergen. Bewust worden van jezelf, leren nee zeggen en assertief communiceren zijn dingen waar je zelf mee aan de slag kunt. Werkgevers kunnen zorgen voor een adequaat welzijnsplan. Artsen zouden signalen sneller kunnen herkennen en patiënten doorverwijzen. Want hoe sneller je kunt starten met therapie en stresshygiëne, hoe meer het risico daalt op chronische stress en burn-out. Bewustwording is één ding, nu nog overgaan tot verbetering van onszelf en een vermindering van de chronsiche stress.